HotSpots Magazine
Adverteren op www.hotspotsmagazine.nl
Home HotSpots Magazine Fashion HotSpots Magazine beauty HotSpots Magazine Lifestyle HotSpots Magazine eten & uitgaan HotSpots Magazine Interviews HotSpots Magazine Columns HotSpots Magazine Gespot HotSpots Magazine Jij in hotspots HotSpots Magazine Winnen HotSpots Magazine adverteren
interviews HotSpots Magazine Ali B HotSpots Magazine Katja Romer - Schuurman HotSpots Magazine Ernst Daniel Smid HotSpots Magazine Ron Blaauw HotSpots Magazine Fred van Leer HotSpots Magazine Archief...
Volg ons op Twitter
HotSpots magazine
Carola Doornbos banner
HotSpots magazine
Vrijwel onbewolkt (zonnig/helder) Vrijwel onbewolkt (zonnig/helder) bij -0.5°C
Mark Saiboo

Naar Slovenie voor zijn passie

Mark Saiboo

Hotspots editie 16

Tekst: Marco Jansen

Begonnen als grap

Op de basisschool kwam hij voor het eerst in aanraking met dans. “Rien Delhez, één van mijn leraren, had een dochter die les gaf in stijldansen op school, aan de hele klas”, zegt Mark Saiboo. “Ik vond dat wel leuk, maar ik had toen al judo en korfbal, dus ben niet op dansles gegaan. Pas rond mijn dertiende ben ik er eigenlijk als grap weer mee begonnen. Eén van mijn vrienden moest op stijldansen omdat het bij zijn opvoeding hoorde. Hij wou dat niet. Toen heb ik gevraagd of hij er wel op zou gaan als ik er op zou gaan en dat wilde hij wel. Ik wist van een vriendin dat ze ook wilde gaan dansen en heb mij toen met haar ingeschreven. Daardoor kon hij er niet onderuit.”

In de lift

Mark Saiboo oefende bij het voormalig danscentrum Wildschut in Harderwijk zijn eerste bewegingen. Maar de ambitieuze tiener wilde meer en zocht zijn heil elders. “Ik ben sportmanagement gaan studeren in Den Haag in plaats van Zwolle, vanwege de betere trainers daar. Sander Mondman en Ilse Lans zijn Nederlands Kampioen in Professionals. Afgelopen jaar ben ik ook gaan trainen bij Natalja Panina. Zij is Russische en geeft les in Rotterdam. Met haar huidige partner is ze tweede van de wereld in South American Showdance. Het verschil met Ballroom stijldansen (de klassieke discipline wals, foxtrot en tango en beide partners in gala) is dat je bij Latin showdance (met Spaanse, ritmische invloeden) vrije choreografie hebt, eigen muziek mag kiezen en dat lifts zijn toegestaan”, vertelt de Harderwijker, die geoefend is in cha cha, samba, rumba paso doble en jive. “Ik merk dat ik afgelopen jaar vooral technisch heel erg vooruit ben gegaan. Dat opende deuren naar een hoger niveau en betere partners.”

Ambities

Want de ambities van Mark Saiboo strookten ook in Den Haag niet met die van zijn danspartners. “Ik heb het wel met verschillende dames geprobeerd, maar dan kom je toch uit op de motivatie en de tijd die de dames willen investeren. Zij wilden zes tot acht uur trainen per week, maar met zo’n kleine investering in tijd ga je de top niet halen. Russen, Italianen en mensen uit het voormalig Oostblok trainen zes uur per dag en met betere begeleiding. Zij zijn veel verder in de principes van grondmotorische oefeningen en fitness. Als je niet zoveel traint en die lichaamstraining niet meepakt, kun je daar nooit mee concurreren. Je kunt daar van balen of er zelf meer tijd in gaan steken. Ik heb voor dat laatste gekozen.”
Mark Saiboo raakt enthousiast. “Ik heb het met Ilse besproken. Wat wil ik en of dat hier haalbaar is. Misschien moest ik een partner zoeken in het buitenland. Daar vind je dames met een andere mentaliteit dan hier. In Nederland vinden meiden van mijn leeftijd het sociale leven, uit met vrienden en tijd voor zichzelf belangrijk. Zij zien het niet zitten om in hun vrije tijd nog uren te dansen.”

Is hij een uitzondering?

“Mijn mentaliteit is: niet iets half doen. Ik wil geen twaalfde eindigen in een competitie als ik ook eerste kan eindigen wanneer ik er meer voor doe. Als de twaalfde plaats het maximaal haalbare is, dan vind ik het niet erg. Maar ik wil gewoon winnen; het beste worden in wat ik doe.” Op internet vond hij een ‘soulmate’. “Via de site dancesportinfo.net ben ik in contact gekomen met Artes Ferruni, een Albanese dame van 16, die voor dansen verhuisd was naar Slovenië om daar te trainen. Zij had voor zichzelf al gekeken waar ze dat het beste kon doen. Uit haar advertentie bleek dat zij een partner zocht. Via e-mail en Facebook hebben we contact gezocht en dat was heel positief. Tijdens het Hemelvaartsweekend ben ik samen met mijn vader naar Ljubljana (hoofdstad van Slovenië, red.) gegaan voor een try out om te kijken of het zou bevallen. We zijn daar drieënhalve dag geweest en ik heb 20 uur samen met haar getraind. Dat beviel heel goed, maar ik kon daar niet blijven. Op 11 juli ben ik er weer heen gegaan. We hebben twee weken met de trainers Jurij en Jagoda in Ljubljana getraind. Maar mijn partner kreeg problemen met haar visum, dat na een half jaar was verlopen. Mensen uit Albanië hebben namelijk voor alle landen van de EU een visum nodig. Als oplossing voor dat probleem zijn we met de trainers naar Zagreb (Kroatië) gegaan. Maar uit kostenoverwegingen konden we daar niet blijven en zijn we naar Albanië gegaan. Haar ouders hebben daar namelijk een dansschool. Daar hebben we in de zomervakantie zes weken zes tot acht uur per dag getraind. We hebben lekker hard doorgewerkt en amper drie vrije dagen gehouden.”

Toekomst

“Ik ben nu bezig mijn propedeuse af te ronden. Er staat nog een drietal toetsen open. In 2011 wil ik in Slovenië aan een universitaire opleiding beginnen; de sportfaculteit of de faculteit voor fysiologie. Dat kan met een havo-diploma in Nederland, maar dan moet ik wel eerst Sloveens leren. Ik communiceer eigenlijk alleen maar in het Engels; dat wordt binnen de danswereld goed gesproken.”
“Wat dansen betreft hoef ik eigenlijk niet terug naar Nederland. In Nederland is dansen als sport niet echt iets dat aanspreekt. Men volgt vaker een cursus. Jongens gaan eerder voetballen of een vechtsport doen. Er is een cultuurverschil met Rusland en landen aan de Middellandse Zee. Er wordt op sociaal vlak heel anders naar dansen gekeken. Daar ben je de uitzondering als je het niet kunt, hier als je het wel kan. Het dansklimaat in Slovenië is ideaal. Er worden wereldkampioenen opgeleid en als je wilt kun je 24 uur per dag 7 dagen per week trainen.”
“Dansen is niet echt een teamsport, maar je bent wel met z’n tweeën heel intensief bezig. Het expressieve gedeelte, de controle over zowel je lichaam als je bewegingen maken het voor mij een stuk uitdagender dan een balsport. Het is geen kwestie van meer scoren dan je tegenstander. Je zet kwaliteit neer, het is vergelijkend en als je goed bent komt de rest vanzelf. Ik wil hier zover mogelijk mee komen en daar veel voor opzij zetten. Mijn ouders betalen een groot gedeelte, ik krijg een kleine bijdrage van mijn opa en oma en ik heb mijn eigen spaargeld. Er is zicht op een sponsorship, waardoor het financieel wel haalbaar is. Al word je niet de beste internationaal, als je de top van Nederland bereikt, kun je er goed je geld mee verdienen. Maar ook als subtopper kun je met shows en danslessen wel rondkomen.”
“In november hebben we het Dutch Open gepland; dat is een event met paren van over de hele wereld. Als is het nog even afwachten of mijn partner dan een visum heeft om naar Nederland te komen.” Tot die tijd kunnen zijn ouders nog even in Harderwijk van hun zoon genieten.

Nu of nooit

Zijn rigoureuze stap heeft Mark Saiboo wisselende reacties opgeleverd. “Iedereen binnen het dansen staat volledig achter wat ik doe. Mijn vertrek is niet op zichzelf staand, want na mij zijn nog drie jongens naar het buitenland vertrokken. Mijn vrienden waren positief, maar sommige familieleden zeggen dat ik beter kan blijven studeren, omdat die toekomst veel zekerder is. Mijn ouders vinden het een hele stap, want ze zien me een stuk minder. In Slovenië mis ik het contact met mijn familie ook wel, want ik ken daar niemand behalve haar. Dat is wel heel erg wennen. Ook moest ik wennen aan de typische Balkangerechten en de kleine bedden van 1,90 meter. Maar Slovenië is redelijk westers en de stad Ljubljana heel modern. De infrastructuur is goed; het openbaar vervoer is prima geregeld.”
Moeder Annemieke Saiboo staat volledig achter de beslissing van haar zoon. “Voor Mark is dansen een passie; méér dan een hobby of sport. Als hij daarmee zijn toekomstdroom kan bereiken en hij wil er voor gaan, dan moet hij dat nú doen. Zodat hij niet achteraf zoiets heeft van: was ik maar of had ik maar. Souplesse kan hij nu nog leren. We vinden het hartstikke mooi dat hij in Slovenië een dansomgeving heeft gevonden waar hij op een veel hoger niveau kan trainen. Lukt het daar niet, dan lukt het nergens. Je moet er best wat lef voor hebben om zo’n stap te zetten. Ons idee is dat hij dit gedaan moet hebben. Lukt het niet dan heeft hij het geprobeerd. Lukt het wel, dan is het hartstikke mooi. De afstand is best ver, maar omdat we regelmatig contact hebben via internet maakt dat het een stuk makkelijker. “

Bekijk online ons magazine!
HotSpots magazine
RedCard
HotSpots magazine