Column MinouOpoefiets
Hotspots editie 22
Er zijn eigenlijk niet zo veel dingen van vroeger die ik mis. Behalve dan mijn opoefiets en de gulden.
Ik was een echte gulden fan. Ik vond hem mooi en statig. En dan het idee om op de zijkant het randschrift “God zij met ons” te graveren. Of hoe dat dan ook heet op een munt. En toen ik het eenmaal begreep, was ik zelfs geraakt door zijn hardheid. Het heeft mijn economieleraar een middag of drie gekost voordat ik het ook begreep maar daarna was ik zo trots! Onze gulden, zo waardevast want gekoppeld aan de D-Mark! Er had een slogan voor moeten komen, net als voor onze garnaal. Zoiets als: ‘Met de Nederlandse gulden direct uit alle schulden.’
Maar toen kwam de Euro. Wat eerst een goed idee leek, is toch in minder dan een jaar of tien een grote flop gebleken. Misschien mag ik het niet zeggen want erg economisch aangelegd ben ik niet. Maar wat ik zie gebeuren vind ik raar. Ik heb altijd geleerd dat je geen geld uit moet geven als je het niet hebt. Dat je eerst moet sparen voordat je iets koopt en dat je, als je dan toch per se schulden wilt maken, die eerst af moet lossen voordat je opnieuw geld leent. En ik denk dan: als het thuis zo werkt, waarom werkt het dan niet zo voor Griekenland?
Volgens mensen die er verstand van hebben was het nodig. Omdat de mensen in Griekenland anders geen eten meer konden kopen. En dat moeten we niet hebben. Ik kan enorm depressief worden van het idee dat ouders met baby’s geen dak boven hun hoofd hebben of geen eten kunnen kopen. Dat er volksstammen zijn die geen geld hebben om naar de dokter te gaan of dat er gewoon geen dokter is, laat ik hier maar even buiten beschouwing. En ik kan nog depressiever worden als ik me bedenk dat het mij en degenen die er net zo over denken, nog steeds niet is gelukt om de wereld te verbeteren.
De wereld verbeteren. Is dat doorgaan zoals we het gewend zijn of terugvallen op wat is geweest? Volgens mij is het geen van beide. Het is net als met mensen die niet meer tevreden zijn met hun baan en ontslag nemen. Als ze weggaan, hopen ze het ergens anders beter te krijgen. En als het dan tegenvalt, lijkt het logisch om te denken: mijn oude baan was toch zo slecht nog niet. Maar inmiddels ben je wel veranderd. De mensen op het werk zijn veranderd, het werk zelf is misschien veranderd. En dan pas je daar niet meer. Dus volgens mij is een weg terug nooit een goede weg.
Maar hoe ziet de weg vooruit er dan uit? En wie bepaalt de weg eigenlijk? Zijn dat de mensen die ons eerst de Euro en toen Griekenland door de strot hebben gedrukt? Gaan die bepalen wat er moet gebeuren? Ik hoop het toch niet. Soms zou ik willen dat ik economie had gestudeerd. Dan had ik misschien grote oplossingen kunnen bedenken voor grote problemen. Nu heb ik alleen mijn eigen huis- tuin-en-keuken kennis.
In mijn huis-tuin-en-keuken almanak staat het volgende: pak een groot probleem aan door het in kleine stukjes te verdelen. Denk aan de was na de vakantie: een onoverkomelijke berg sorteer je eerst op kleur en dan doe je was voor was. Ook staat er: probeer iets nieuws altijd voorzichtig uit. Denk aan het gebruik van vlekkenmiddel, probeer altijd eerst een klein stukje uit op een onopvallende plek. En ten slotte: als iets kapot is, maak het dan en als iets werkt, laat het dan.
Mijn opoefiets is gejat toen ik in Nijmegen ging studeren. En toen ik kinderen kreeg, kocht ik uit praktische overwegingen een fiets met versnellingen, kinderzitjes, handremmen en fietstassen. Eigenlijk is er niets mis met die fiets. Behalve dan dat het geen opoefiets is. Maar daarover zegt mijn almanak helaas niets.
|